Vertier op een off-dag

15 mei 2024 - Cassoday, Verenigde Staten

Het plan was gisteren naar Nickerson te fietsen vanuit Great Bend. Great Bend was leuk wegfietsen. Ik zat voor 9 uur op de fiets en net het stadje uit fietste ik over de Arkansas rivier. Vlak voor Nickerson fietste ik er weer overheen. Nu zat er water in! Hier leek de rivier op de Arkansas bij zusje Yoka: brede zandwallen met hoge bomen aan beide kanten van het stromende water. Jaren geleden gingen we er met de paarden in en liepen in het water een paar kilometer met de stroom mee. Met Yoka’s beste vriendin een keer helemaal naar het punt waar de rivier de zuidkant van het dorp raakt, daar er weer uit, met de paarden door het dorp en cola halen bij de Drive Thru van, ik geloof, de Dairy Queen. 
Nu fietsen.
Tegen tweeën was ik al in Nickerson. Tsja, het is toch gewoon een werkdag, dus bananen en appels gekocht, flessen gevuld en door. Net als de ochtend, regende het. ‘s Ochtends had ik een paar keer regenjas uit, regenjas aan gedaan. Dat hielp. Als ik’em uit had, ging het regenen, had ik’em aan, werd het droog. Ik hield’em uit nu, besloot ik. Ik hing de reflecterende jas over m’n achterbagage en heb me zeiknat laten regenen.
Van Nickerson naar Heston was, net als van Great Bend naar Nickerson, urenlang niets. Het vertier onderweg is de ergernis over het weer, en dan vooral de steeds zeer overwogen maar niet-accurate beslissingen over het aan het en uit trekken van de regenjas; borden, heuvels, de achteruitkijkspiegel en zwaaien naar automobilisten. De TransAmerican Bicycle Trail wordt tot nu toe overal aangegeven als USBR 76. Soms ook een bord langs de weg waarop staat dat fietsers 3 voet ruimte moeten hebben bij passeren, want  ‘State Law’. Er is geen ‘shoulder’, geen vluchtstrook waar ik op kan fietsen. De wegen zijn redelijk breed en er komt weinig verkeer langs. Ik voel me veilig.
Hesston duurde lang. Achter elke heuvel, wilde ik de grote ballon zien. Ik was op na 100 km. De laatste 30 kilometer waren afzien met heuvel na heuvel onvervulde hoop. 

In Hesston waren noch Sheriff, noch politie bereikbaar. Gratis slapen zat er dus niet in. Ik fietste naar de RV-camping. Kon het kantoor niet vinden, maar een jongen onder een rode hoodie en op badslippers zittend onder een boom, vroeg z’n baas. Het vervallen gebouwtje dat ik voorbij was gelopen, was het kantoor. Dicht. Geen antwoord bij bellen. Ik besloot over de camping te lopen, want mijn ervaring op fietstochten in Amerika is, praatje maken, mensen aanspreken en er komt een oplossing. 
Een man bij een camper waarop Dutchmen stond, vroeg ik of hij Nederlands was. Ik weet het, flauw. Hij had een baas gehad uit Nederland. ‘Most friendly’. Vrouw kwam naar buiten. ‘Oh, you can camp right here …’, ze liep me voorbij, maakte vijftien passen verderop grote cirkelbewegingen onder een boom en noemde de code van de toilethokken. Nee, ze waren niet de manager, maar stonden hier al een tijdje op zoek naar een huis in de buurt. Inmiddels dertien kleinkinderen ‘I love them so much, more than my o…’, ‘No hon, you cannot say that! Hahaha!’
En zo maakte ik kennis met Deborah en Frank. Deborah kwam me cola en water brengen, terwijl ik de tent opzette. Ik was maar zo brutaal geweest en zou de volgende ochtend weer bij het kantoor langsgaan en desnoods de 15 dollar met een briefje naar binnen schuiven. Kieren genoeg. 
Toen ik een lekkere douche had gehad, veel waterdruk - is wel’es anders in het land van ongekende mogelijkheden, de was (fiets-, onderbroek en handdoek) aan de scheerlijn hing, liep een dame vlakbij mijn tent langs terwijl ze de andere kant opkeek. ‘Hello’, zei ik vriendelijk. ‘Well, hello… I’m the owner …’. Ze had mijn bericht gehoord en ik legde uit dat ik maar zo brutaal was geweest … morgenochtend betalen … Ik heb haar gelijk betaald en zij vertelde van een Nederlandse vriendin, waar ze mee sportte. Aan het einde van het gesprek zei ze dat dit ‘exactly the spot’ was, die ze mij zou hebben toegewezen en dat ze me nu zou registreren. Ik geloof dat ze redelijk oké met de gang van zaken was. Wil ik graag geloven.
Bij het tent afbreken en fiets bepakken vanochtend, was ik er redelijk van overtuigd dat het een off-dag zou worden. Ik had hoofdpijn en hele zware benen. Tent, mat en slaapzak zaten achterop en toen kwam de overbuurman aanlopen. ‘It’s too much for me, don’t need it. Would you ..? It’s chicken, cheese, salad … You could use the proteins.’ Een warm ontbijt. Complete verrassing. Zo leuk! Stormy ‘like the weather’, werkte in Oklahoma en Kansas aan pompen. Hij hield van parachutespringen. We maakten een praatje en namen afscheid met ‘ You whip the day!’ en uitleg bij de uitdrukking.
Het was mooi weer. Eenmaal op de fiets, ging het wel. Na een uur was ik in Newton. ‘Newton welcomes TransAmerican bikers’, stond er aan het begin van de stad. Vond ik leuk.
Mooie stad! Beetje glooiend, veel groen en lekkere koffie bij de convenience store van de Dillons. Het was nu zes uur in Engeland. Ik kon mijn man even bellen. Zijn stem horen, zou ik vast van opknappen. Ik belde niet gelegen, tenzij het dringend was. Hij zat in een vergadering. ‘Het gaat goed. Hou van je!’
Mijn hoofdpijn was over en ik had het plan laten gaan naar Eureka te fietsen. Daar werd ik alweer wat beter van. Cassoday zou het worden. De Newton-vibe deed me goed, al ben ik er maar 20 minuten geweest. Iets langer: de trein over Main Street en was lang.
Het ging lekker en nu en dan leek het toch mogelijk naar Eureka te fietsen.
Niet dus. De laatste 20 kilometer waren weer afzien en vreselijk zin om te stoppen, de tent op te zetten en te rusten.
In Cassoday vroeg ik twee mannen die vanuit stilstaande auto’s in gesprek waren, of zij wisten waar en of ik mijn tent op mocht zetten. Ze stapten beide uit, lieten de motor lopen. Het mocht op het grasveld aan het einde van de straat. Ik vroeg of ik ook even de sheriff of een community representative zou bellen. Was niet nodig, maar als ik dat wilde, belde hij wel even. ‘She’s my neighbour’. Terwijl de ene man aan het bellen was, vertelde de andere ‘We see them all the time’, fietsers in het dorp. Vond ik fijn om te horen.
Ik mocht naar het park aan het begin van het dorp. Daar was water en elektriciteit. 
Tent staat inmiddels en eten hangt verderop aan een boomtak. Hier is een waterpomp, maar de stopcontacten aan de ‘gazebo’ doen het niet. Nou ja, zijn erger dingen. Het is nog steeds prachtig weer. Iets koeler. De horizon wordt rood, zie ik door de bomen heen.

Foto’s

4 Reacties

  1. Marco:
    15 mei 2024
    Leuk
  2. Sandra:
    15 mei 2024
    Och Bo!! Do bist alwer underweis!! Succes en 'n hiel prot wille!! (dat leste sil wol foarol mei dysels wêze) Dikke tût!
  3. Jannet:
    15 mei 2024
    Leuk Bo! Voorspoedige reis verder met lekker weer!
  4. Tineke:
    16 mei 2024
    Bo, you whip the day... dat wil ik op kantoor natuurlijk gaan gebruiken. Es kijken of ik de collega's ermee aan het strijden krijg.
    Succes, bedankt voor je mooie verhalen.