Longest miles
13 mei 2024 - Hays, Kansas, Verenigde Staten
Zusje Yoka vroeg wat m’n mindset was 24 uur voordat ze me weg zou brengen naar het beginpunt. Ik was gespannen, zenuwachtig en faalangstig. Had nu en dan visioenen van enorme vrachtwagens die mij niet zouden zien… einde ik. Voelde me schuldig tegenover m’n ouders. Hun laatste jaren hier nog zo verpesten.
We spraken af om acht uur de deur uit te gaan. Ik zou dan zo rond kwart over 9 op de fiets kunnen zitten. Ik moest in ieder geval van Scott City naar Ness City kunnen komen.
Ik was de afgelopen week regelmatig lang bezig met het werkend krijgen van een telefoonabonnement. Aangezien Verizon de meeste torens in het deel van de VS heeft waar ik doorheen zou fietsen, had ik daar een abonnement gekocht. Via hun website mezelf bereikbaar en bellend kunnen krijgen, lukte niet. Don, Robin’s vriend en digitaal onderlegd, kwam een heel eind. Ik zou dan-en-dan teruggebeld worden om de laatste instructies door te geven. Dat gebeurde niet. Bellen, terug naar de vertegenwoordiger, weer bellen, teruggebeld worden - weer niet, de hele familie meedenken, andere telefoons proberen..
De avond voordat ik weg zou fietsen, zat ik huilend achter de computer om het voor de zoveelste keer te proberen. Ik zou op de ochtend van vertrek gebeld worden op Yoka’s nummer en dan zou het opgelost zijn. Er werd weer niet gebeld. Geen telefoon. Niet 911 kunnen bellen. Het gaf mij een onveilig gevoel en gaf het hele project een sinister halo.
Yoka, altijd praktisch en hands-on, stelde voor weer naar de Walmart te gaan om te kijken of er een andere oplossing was. ‘Wij moeten jou kunnen bereiken. Als er wat met mem is, of wat anders …’ Aldus gedaan. Tussen Garden City en Scott City hadden Don en Robin de telefoon werkend. Toen kwam ik erachter dat ik een etui in de Garden City had laten liggen. Rechtsomkeert en ondertussen de Walmart bellen (met Yoka’s telefoon). Ze hadden niets gevonden. Niet bij de klantenservice, niet in de damestoiletten, niet bij ‘Mobile Services’.
Inderdaad, niet bij de klantenservice, niet in de damestoiletten, maar wel bij ‘Mobile Services’. Het etuitje lag waar ik het had achtergelaten.
Ik herkende het hotel waar ik zes jaar geleden had gelogeerd aan het einde van de tocht en waar ik de man, ook een fietser, opnieuw zag die ik 2000 km en weken eerder tegen was gekomen en mij toen beloofde me uit eten te nemen als we elkaar weer tegen zouden komen. Ik herkende het Mexicaanse restaurant waar we hadden gegeten. Bij Casey’s aan de 96 waar ik in 2018 mijn eerste stop in Scott City had gemaakt, pakte ik nu mijn fiets weer op. Het was mooi weer, gunstige wind, ik had een telefoon; ik kreeg bijna zin. Ness City was 55 mijl. Dat zou mijn stop worden voor de nacht om de volgende dag naar Hays te fietsen. Omdat nichtje Meagan op zaterdag haar diploma zou krijgen, zou ik 25 mijl van de route af naar het noorden fietsen en het feestweekend meemaken.
Yoka en ik huilden bij de omhelzing. ‘Niet doen’, zei ik. ‘We zien elkaar vrijdag weer.’
Om kwart over elf, meer dan twee uur later dan gepland, fietste ik weg. Yoka, Robin en Don reden me twee keer toeterend en juichend voorbij.
Ik fietste heerlijk in het kale, weidse Kansas. Om half vier was ik in Ness City. Ik vroeg in het benzinepompstation of er hierna tot aan Rush Center nog nog mensen woonden en ik mijn tent op zou kunnen zetten. Volgens de mannen wel. ‘Bazine is 11 miles further’.
‘And those are the lo-o-o-ongest miles you’ll ever travel.’, zei de cowboy die achter me stond. Ik snapte hem. ‘Jezus is my pilot’, staat op een afgraving in een bocht. Verder is er niets.
In Bazine ben ik doorgefietst. Ik vond’t nog steeds goed gaan. Rush Center kon niet ver meer zijn.
Aan het begin van het dorp, kwamen van drie kanten honden op me af. Eén werd teruggeroepen, een tweede werd aangereden door een rode pick-up. In de achteruitkijkspiegel zag ik dat het aangereden hondje zichzelf kermend sleepte naar waar hij vandaan kwam. De derde, een grote zwarte, zag ik niet meer.
Het was een mooie, rustige avond aan de andere kant van Rush Center. In het winkeltje bij het benzinepompstation stond een grote, kale man een vierkante braadpan schoon te schuren. ‘How are you thoday?’ Heel vriendelijk, geen tanden.
’Are you the manager?’
‘Yesl, ma’am.’
Ik vroeg hem waar ik de plaatselijke sheriff kon vinden om te vragen waar ik mijn tent op mocht zetten. ‘Let me slee whath I can do. Where are you frlom?’
Ik kreeg een telefoonnummer en belde. Mevrouw Sheriff zei me even te wachten, terwijl ze het aan de ‘local authorities’ vroeg. Ik mocht naar het Grass Park aan 3rd Street. Niet te vinden. Twee auto’s met knipperlichten aan stonden kop-staart stil met knipperlichten aan bij een afslag. De voorruiten aan bestuurderskant waren open en mooi opgemaakte hoofden en kapsels hingen eruit. Er werd een gesprek gevoerd.
‘Excuses me …’.
De dame uit de voorste auto stapte uit. ‘That’s not here.’ De andere dame stapte ook uit. ‘No-o-o-o-o, that’s not here. That’s LaCrosse, I think. There is a Grass Park.
Ik belde Sheriff nog een keer. ‘Oh, I’m sorry …’. Geen punt. LaCrosse was 4 mijl naar het noorden, voor mij in de goede richting. Best lange 4 mijl. De wind kwam uit het noorden en ik voelde de 125 km.
In LaCrosse een mooi Grass Park. Bomen, picknickmandjes, toiletgebouw, zwaaiende automobilisten. De kop was eraf. De eerste dag was boven verwachting goed gegaan. Terwijl ik de tent opzette, hoorde ik in de verte westernmuziek en zag de sheriff twee keer voorbij rijden.

Ik geniet met je mee.
Dikke tut, Esther
Ik mis iets aan dit verhaal. Een introductie over wat je gaat doen.
Blijkbaar ga je weer fietsen?
Waar is je einddoel?
Veel succes
Ik ga ervan uit dat je mijn substantiële bijdrage, in de vorm van 'slaapcomfort', als cruciale bijdrage aan het succes van jouw missie zult beschrijven! ;-)
Daarnaast hoop ik dagelijks op de hoogte te worden gehouden van je vorderingen, omdat ik je reisverhalen echt heel leuk vind om te lezen! En als het een keer tegen zit, kun je misschien met een paar korte zinnen (vandaag was een extreme K-dag, etc.) ons als lezers de gelegenheid geven om je een hart onder de riem te steken, je aan te moedigen!
Go Girl! (Engels voor: 'Gaan Mevrouw' ;-))
Inderdaad, nog een intro stukje is wel leuk voor het hele plaatje.